• Contact/
  • Werken bij /
  • Blog
Zoeken...
Logo
ContactWerken bij Blog
Close Icon
Toepassingen
Producten & Merken
Case Studies
Magazine
Advies & ondersteuning
Academy
Over ons
STABU bestekconfigurator
Logo
Toepassingen
Producten & Merken
Case Studies
Magazine
Advies & ondersteuning
Academy
Over ons
STABU bestekconfigurator

Margot Holländer

ARCHITECTENGESPREK

> Margot Holländer, MOR Studio

// „Wij zien de verbouwing en het hergebruik van gebouwen niet als een noodoplossing, maar als een kans.", zo omschrijft medeoprichter Margot Holländer de aanleiding voor de oprichting van het architectenbureau MOR Studio. In dit gesprek licht zij toe hoe duurzaamheid bij het Baobab-project vanaf het begin is meegedacht, welke rol vormgeving daarbij speelt en welke verantwoordelijkheid architecten dragen in het licht van klimaatcrisis en grondstoffenschaarste.

Van datacenter tot circulair studentenwoongebouw

In gesprek met Margot Holländer van het Rotterdamse architectenbureau MOR Studio

Het Rotterdamse architectenbureau MOR Studio heeft zich gespecialiseerd in de transformatie van bestaande gebouwen en volgt daarbij consequent circulaire principes: voortbouwen in plaats van slopen, hergebruik in plaats van weggooien, materiaalkringlopen in plaats van lineair verbruik. Een goed voorbeeld is het project „Baobab" in Utrecht, waarbij een voormalig datacenter is getransformeerd tot een levendig woongebouw voor studenten.

Meer artikelen

GESPREK MET ARCHITECT

Igor Brncic over duurzaam herbestemmen: visie van OLIV Architekten

Kay Künzel over seriële renovatie: visie van raum für architektur

IN GESPREK MET DE ARCHITECT

Felicitas Schoberth, architect en medeoprichtster van KEBE + SCHOBERTH Architekten

UITGELICHT PROJECT

Van kauwgomfabriek tot circulair kantoor

GESPREK MET ARCHITECT

Igor Brncic over duurzaam herbestemmen: visie van OLIV Architekten

// Het Münchense bureau OLIV Architekten richt zich al ruim twintig jaar op de revitalisering van bestaande gebouwen. Door gerichte ingrepen wordt de levenscyclus van gebouwen aanzienlijk verlengd en wordt een waardevolle bijdrage geleverd aan klimaatbescherming. We spraken met medeoprichter Igor Brncic over de werkwijze en visie van het bureau.

IN GESPREK MET DE ARCHITECT

Felicitas Schoberth, architect en medeoprichtster van KEBE + SCHOBERTH Architekten

// Het voormalige stadhuis van Berlijn-Marzahn, een bestuursgebouw uit de DDR-moderniteit, wordt momenteel grondig gerenoveerd. KEBE + SCHOBERTH ARCHITEKTEN zijn verantwoordelijk voor vrijwel alle projectfasen – van analyse tot realisatie – en laten zien hoe hoge energetische standaarden te combineren zijn met de eisen van monumentenzorg. In gesprek met architect Felicitas Schoberth krijgen we meer inzicht in het project.

UITGELICHT PROJECT

Van kauwgomfabriek tot circulair kantoor

// In Amsterdam heeft het lokale bureau NEXT architects een voormalige opslaghal van een kauwgomfabriek grondig uitgebreid en getransformeerd tot een transparant en eigentijds kantoorgebouw. Het resultaat is een contrastrijke materiaalcollage van staal, glas en hout die zich harmonieus in de omgeving voegt. Voor de dakafdichting werd gebruikgemaakt van de EPDM-baan RESITRIX® SK W Full Bond van CARLISLE®, met daarboven retentie-elementen en zonnepanelen voor maximale duurzaamheid.

GESPREK MET ARCHITECT

Kay Künzel over seriële renovatie: visie van raum für architektur

// Met het programma ‘Energiesprong’ worden in Nederland al jaren rijenwoningen en meergezinsgebouwen snel en betaalbaar gerenoveerd met seriematig geprefabriceerde ‘plug-and-play-gevels’. Ook in Duitsland wint het concept aan populariteit. We spraken met architect Kay Künzel van raum für architektur uit Wachtberg bij Bonn, die in zijn projecten al jarenlang werkt met geprefabriceerde houtelementen.


CCM Europe © 2026

Nieuwsbrief

Privacybeleid

CCM Logo
CARLISLE® Construction Materials BV

Industrieweg 16
8263 AD Kampen
Nederland
T +31 38 339 33 33
E info.nl@ccm-europe.com

  • Facebook
  • YouTube
  • LinkedIn
© 2026 CCM Europe
Toepassingen
  • EPDM dakbedekking
  • TPO dakbedekking
  • Dampremmer
  • Circulaire dakbedekking
  • Gevelafdichting
Service
  • Downloads
  • Video`s
  • Nieuwsbrief aanmelden
  • Dealers
  • Contact
Merken
  • RESITRIX®
  • HERTALAN®
  • SURE WELD®
  • ALUTRIX®
  • HARDCAST®
  • ECOLAN®
Over CARLISLE® CM Europe
  • Over ons
  • Contact
  • Werken bij
  • CARLISLE® USA
Legal
  • Privacybeleid
  • Algemene voorwaarden
  • Contactgegevens
Image
© MOR Studio
© Egbert de Boer
© Egbert de Boer

Het Baobab-project laat zien hoe bestaande gebouwen door gerichte ingrepen circulair kunnen worden herbestemd. Voor de gevel (aanzichten vanuit het oosten respectievelijk het zuidoosten) zijn naast zonnepanelen ook stalen panelen uit de bestaande bouw toegepast.

© Egbert de Boer
© Egbert de Boer

Voor de vierpersoonswoongroepen hebben de architecten de volledige verdiepingshoogte van vijf meter benut en een tussenverdieping met twee boven elkaar gelegen slaapkamers geïntegreerd.

De juiste systeemopbouw vinden?

Onze systeemgids helpt u op een gestructureerde manier bij het kiezen van de juiste systeemopbouw voor de afdichting van uw platdak en bouwwerk.

© Egbert de Boer
© Alex Cohen
© MOR Studio
© MOR Studio

In het kader van de verbouwing kon een groot deel van de bestaande draagstructuur en bouwsubstantie worden hergebruikt.

© MOR Studio
© MOR Studio

De nieuwbouw in Capelle aan den IJssel biedt opslag- en vergaderruimten voor wijnbouwbedrijf Sjatoo. De gevel van het gebouw is uitgevoerd in kurk.

Interview: Robert Uhde

Wilt u professioneel advies?

Ons team helpt u graag – geheel vrijblijvend.

Image
Image
Image
Image

BLACKPRINT: Mevrouw Holländer, MOR Studio is in 2020 voortgekomen uit een studentenproject aan de TU Delft. Wat was daarvoor de aanleiding?

Margot Holländer: We hebben ons in 2020 met toen zeven partners officieel opgericht. We hebben allemaal aan de TU Delft gestudeerd en elkaar daar leren kennen via de „Solar Decathlon". Bij die internationale studentenwedstrijd ontwerp je gedurende twee jaar een gebouw, bouw je het als prototype en neem je het vervolgens op tegen andere universiteiten. Ons concept was een modulair renovatieconcept voor kantoorgebouwen, oorspronkelijk bedoeld voor de Marconi Towers in Rotterdam – drie torengebouwen uit de jaren zeventig, ontworpen door Skidmore, Owings & Merrill. Ons doel was een zo minimaal mogelijke én omkeerbare ingreep, zodat het gebouw ook over 10, 20 of 50 jaar flexibel blijft.

BLACKPRINT: U hebt de wedstrijd bijna gewonnen. Hoe is daaruit de realisatie van uw idee in Utrecht ontstaan?

Margot Holländer: Ons prototype hebben we meerdere keren op- en afgebouwd – eerst in Delft, daarna voor de wedstrijd in Hongarije en vervolgens opnieuw in Delft. Zo konden we demontage en modulaire opbouw grondig testen. Bij de eindpresentatie in Delft hadden we ook vertegenwoordigers van de sociale woningbouwcoöperatie SSH uitgenodigd, die op dat moment een leegstaand datacenter in Utrecht op het oog had — een gebouw dat na de oplevering in 2008 door de toenmalige economische crisis nooit in gebruik was genomen. De toenmalige directeur Monique van Loon vroeg ons vervolgens of ons concept ook voor dit gebouw uitvoerbaar was. En omdat de constructie paste en er geen dragende wanden in de weg stonden, begonnen we direct met een eerste schetsontwerp. Kort daarna lag onze eerste opdracht op tafel en hebben we officieel ons bureau opgericht, om ons ontwerp stap voor stap verder te kunnen uitwerken. Het gebouw kreeg later de naam „Baobab", naar een Afrikaanse boom, net als de aangrenzende woongebouwen van dezelfde ontwikkelaar.

BLACKPRINT: Het gebouw biedt 206 studentenwoningen, verdeeld over een mix van vierpersoonswoongroepen en zelfstandige studio’s. Hoe zijn de plattegronden opgezet?

Margot Holländer: Voor de vierpersoonseenheden hebben we de volledige verdiepingshoogte benut, die onder de liggers telkens vijf meter bedraagt. In sommige woningen hebben we bovendien een tussenverdieping ingevoegd om twee slaapkamers boven elkaar te kunnen leggen. Het resultaat: woongroepen met elk vier slaapkamers en een grote, gedeelde woonruimte die de volledige ruimtehoogte benut. De gemeenschappelijke ruimten liggen in het midden; aan de smalle zijden brengen grote ramen veel licht in deze zones. Daarnaast is er een balkon direct naast de woonkamer.

BLACKPRINT: En u kon een groot deel van de bestaande draagstructuur en bouwsubstantie hergebruiken?

Margot Holländer: Ja, de draagstructuur hebben we grotendeels kunnen behouden. Ook het vluchttrappenhuis aan de noordzijde hebben we behouden, evenals de noordgevel. Het gebouw had al vóór de verbouwing een dubbele gevel, bestaande uit geperforeerde stalen panelen die op een stalen onderconstructie waren gemonteerd. Die panelen hebben we gedemonteerd, genummerd, gereinigd en deels opnieuw uitgelijnd teruggeplaatst. Ook de binnenste gevelschil van kalkzandsteen hebben we behouden, maar gedeeltelijk geopend om grote ramen aan te brengen die bij de dichte bezetting noodzakelijk zijn. Aan de binnenzijde hebben we bovendien geprefabriceerde houten kaders met isolatie als nieuwe thermische schil geïntegreerd; ook de ramen zijn in houten kaders uitgevoerd. Voor de indeling van het interieur hebben we daarnaast houten scheidingswanden toegepast, waarbij we niet alles met gipsplaat hebben bekleed of opnieuw hebben gestuukt, maar zo veel mogelijk van de bestaande draagstructuur zichtbaar hebben gelaten — zodat de geschiedenis van het gebouw beleefbaar blijft en er zo min mogelijk afval ontstaat.

BLACKPRINT: Naast de geperforeerde stalen panelen hebt u zwarte fotovoltaïsche panelen in de gevel geïntegreerd.

Margot Holländer: Ja, dat was een flinke puzzel, omdat we zo veel mogelijk daglicht in de woningen wilden brengen. Uiteindelijk is het ons gelukt om de grootste fotovoltaïsche gevel van Europa in de sociale woningbouw te realiseren. Naast de besparing op grijze energie tijdens het bouwproces daalt ook het energieverbruik van de bewoners.

Image
Naar de systeemgids

BLACKPRINT: Speelt ook het thema dakafdichting een rol voor u?

Margot Holländer: Absoluut! In een eerder studentenproject met meer dan dertig betrokkenen heb ik me intensief beziggehouden met de gevel en het dak, en heb ik het dak zelfs meegebouwd. We hebben daar een inductief bevestigd afdichtingssysteem toegepast dat zonder open vlam kan worden gelegd. Het voordeel is dat de baan later weer los te maken en opnieuw te gebruiken is. We hebben ons prototype driemaal opgebouwd en de dakbaan telkens opnieuw ingezet. Alleen enkele bevestigingsplaatjes moesten worden vervangen. Dat laat zien dat echte circulariteit technisch mogelijk is, mits je die van meet af aan meedenkt.

BLACKPRINT: U beschreef zojuist het ongewone gevelconcept. Welke rol speelt esthetiek voor uw bureau, of meer in het algemeen bij circulaire architectuur?

Margot Holländer: Vormgeving is voor ons natuurlijk heel belangrijk. Duurzaamheid vereist immers allereerst dat gebouwen leefbaar zijn en dat ze door de bewoners en de omgeving worden geaccepteerd en gewaardeerd. Hoe rauw iets uiteindelijk mag zijn, is natuurlijk ook een kwestie van perceptie. Juist bij de Baobab vonden we het belangrijk dat het hergebruik niet als een compromis oogt, maar leesbaar blijft als een bewuste ontwerpkeuze. Daarvoor hebben we zeer positieve reacties gekregen, ook van de studenten. Het was bovendien een grote eer om genomineerd te zijn voor de gerenommeerde Abe Bonnemaprijs. Gewonnen hebben we niet, maar doorgaans worden daar juist grote, gevestigde bureaus voor genomineerd.

BLACKPRINT: Elders hebt u in dit verband de term „esthetiek van het circulaire" gebruikt. Wat bedoelt u daarmee?

Margot Holländer: Ik heb het gevoel dat we bij veel consumentenproducten allang gewend zijn geraakt aan een circulaire esthetiek – denk aan tassen of meubels. In de architectuur bevinden we ons daarentegen nog in een leerproces. Je moet er geleidelijk aan wennen dat iets er niet vlekkeloos nieuw uitziet. Voor ons betekent dat: details met hergebruikte materialen opnieuw doordenken en telkens opnieuw de vraag stellen — wat vinden we eigenlijk mooi? Wat willen we bewust tonen, en waar wordt het misschien te radicaal? Zulke discussies voeren we regelmatig op kantoor; de de discussie binnen ons bureau is voor ons erg belangrijk. Bij het Baobab-project was mijn collega Anna Tsagkalou verantwoordelijk voor de esthetische vormgeving, terwijl ik me sterker richtte op duurzaamheid, uitvoering, detaillering en de afstemming met de bouwfirma. Tegelijk staan we open voor impulsen van buitenaf. Rotterdam is in dat opzicht duidelijk minder conservatief dan mijn geboortestad Wenen. De stad moedigt aan om buiten de mainstream te denken. Inspirerend is daarbij ook de uitwisseling met andere bureaus, zoals Superuse Studios.

BLACKPRINT: Een ander project is het Sjatoo010 Clubhouse in Capelle aan den IJssel. U hebt daar opslag- en vergaderruimten gerealiseerd voor een vrijwillig geregistreerde stadswijngaard, tamelijk ongebruikelijk voor Nederland. Wat is het verhaal daarachter?

Margot Holländer: Het gebouw is heel klein, eerder een tiny house; het doet dienst als gemeenschapsruimte en opslag. Het project is ontstaan uit een buurtinitiatief van wijnliefhebbers. De gemeente stelde een hellend terrein ter beschikking waarop zij wijn zijn gaan verbouwen. In de loop van de tijd is een behoorlijk grote wijngaard ontstaan en groeide de behoefte aan een opslagplek voor gereedschap. Daarnaast moest het mogelijk zijn om ter plaatse ook kleine evenementen te organiseren. Voor de gevel hebben we, passend bij de wijn, kurk gekozen, afkomstig van Portugese kurkeiken. Het materiaal is nieuw, maar duurzaam geteeld. In principe hadden we ook overwogen om tweedehands materialen te gebruiken, maar uiteindelijk hebben we voor de kurk gekozen.

BLACKPRINT: Een ongebruikelijke materiaalkeuze…

Margot Holländer: Ja, maar we hebben toch enkele voorbeeldprojecten gevonden. Eén daarvan is gerealiseerd door Studio RAP in Leiden, het andere is het Korkenzieher Haus van rundzwei Architekten in Berlijn. Daar is de kurkgevel opgebouwd uit CNC-gefreesde elementen die precies in elkaar grijpen en meerlaags zijn uitgevoerd, met in totaal zo’n 15 centimeter materiaaldikte. Voor ons budget was zo’n oplossing echter niet haalbaar. We hebben daarom gekozen voor een sterk vereenvoudigde variant en slechts vier centimeter kurk als buitenste laag toegepast. In de kern gaat het om een houtskeletbouw met houtvezelisolatie, waarop de kurk is aangebracht. Met deze opbouw komen we energetisch heel dicht bij onze streefwaarde.

BLACKPRINT: Interessant is dat het materiaal, ondanks dat het nieuw is, bijna een tweedehands uitstraling heeft. Het oogt heel natuurlijk en op de een of andere manier circulair.

Margot Holländer: Ja, dat vind ik ook. Kurk heeft een heel eigen esthetiek: warm, licht ruw, bijna een beetje „gebruikt", hoewel het nieuw is. In combinatie met de houten ramen en de luiken levert dat een zeer samenhangende, natuurlijke uitstraling op.

BLACKPRINT: Momenteel werkt u aan de renovatie van het gerechtsgebouw „De Appelaer" in Haarlem. Welke eisen spelen daar?

Margot Holländer: In de kern gaat het daar om de herinrichting van de entreezone. Het gebouw stamt uit een tijd waarin er nog geen veiligheidscontroles met bagagescans waren. Tegenwoordig leidt dat ertoe dat bezoekers zich ophopen en deels buiten moeten wachten. Daarom willen we de entreezone zo herinrichten dat de doorstroming soepeler wordt en dat zowel bezoekers als medewerkers aangenamere omstandigheden aantreffen. Bij dit alles willen we zo min mogelijk afval produceren. Alles wat nieuw wordt toegevoegd, moet herbruikbaar of volledig recyclebaar zijn. Zo laten we bijvoorbeeld glas uit de bestaande bouw recyclen tot een steenachtig plaatmateriaal, dat we inzetten voor het oppervlak van de ontvangstbalie. Daarnaast worden bestaande houten bekledingen gedemonteerd en in een werkplaats verwerkt tot nieuwe, akoestisch werkende elementen voor de centrale balie.

BLACKPRINT: Betekent dat dat jullie zelfs bij een muurdoorbraak nadenken over het hergebruik van materiaal?

Margot Holländer: Ja, in plaats van simpelweg een grote opening te zagen en het materiaal af te voeren, plannen we meerdere precieze zaagsneden. De uitgenomen elementen worden omgewerkt tot zitbanken in de wachtruimte. Ook bij de nieuwe scheidingswanden in de veiligheidszone kiezen we voor een andere aanpak: gebruikelijk zijn daar metalen stijlwanden met een stalen plaat en gipsplaat. Wij gebruiken in plaats daarvan zuivere houtconstructies zonder stalen inlage. Technisch is dat haalbaar, maar de certificering is bewerkelijker en vraagt zowel grondig onderzoek als een moedige opdrachtgever die bereid is nieuwe wegen in te slaan.

BLACKPRINT: Hoe is het contact met dit project tot stand gekomen?

Margot Holländer: We werden samen met twee andere bureaus uitgenodigd voor een prijsvraag. De Nederlandse Staat en het Rijksvastgoedbedrijf (RVB), de vastgoedorganisatie van de Nederlandse rijksoverheid, organiseren dergelijke procedures heel bewust, zodat ook kleinere, jongere bureaus openbare projecten kunnen realiseren. De bouw start naar verwachting in de zomer. De oplevering is gepland voor 2027.

BLACKPRINT: Als je uw projecten en deze prijsvraagwinst bekijkt – het intensieve materiaalonderzoek, de aandacht voor CO₂-waarden, het werken in het bestaande: wat betekent dat voor de beroepsopvatting? Hoe is het beroepsbeeld van architecten de afgelopen jaren veranderd?

Margot Holländer: Een heel belangrijke verandering is dat er tegenwoordig een enorme verscheidenheid aan bouwproducten bestaat. Tegelijk opent het thema duurzaamheid nieuwe kansen. Door hergebruik en maatwerkoplossingen houden we ons weer intensiever met materialen bezig. veel bewuster omgaan met de gevolgen van ons bouwen, in het bijzonder de CO₂-uitstoot. In Nederland is het verplicht om de CO₂-voetafdruk bij een omgevingsvergunning te berekenen, maar vaak gebeurt dat pas achteraf. Ik vind dat we ons daar al in de ontwerpfase mee moeten bezighouden – net zo vanzelfsprekend als we over lichtinval nadenken. Met eenvoudige methoden die vroegtijdig onderbouwde keuzes mogelijk maken, in plaats van alles pas later door ingenieurs te laten doorrekenen.

BLACKPRINT: Mevrouw Holländer, hartelijk dank voor het gesprek.

Advies aanvragen